Op vrijdag 23 januari onder leiding van de kersverse wedstrijdleider Daniël Hoenderdos werden 9 partijen geschaakt. Hartelijk dank voor het maken van de indeling Daniël.
Henk Keesman boekt een knappe overwinning op Vasco Metten. Na een enerverende stelling van beide kanten had zwart een toren op de derde rij staan. Brutaal, want bijna alles stond nog op het bord. Keesman probeerde de zwarte koningsvleugel open te maken. Gevolg was wel dat de dame-zijde van wit in eerste instantie wat onderontwikkeld bleef. Niettemin wist Henk zijn opponent in het nauw te drijven.
De heren Zee en Dekker speelden tegen elkaar. Van beide kanten een matige partij, maar de slotzet van Zee is wel schitterend gevonden.


In diagram 1 op zet 10 speelt Stephen Dd7. Dit geeft wit meteen de kans om een belangrijke centrumpion te winnen. Waarom dan? Die staat toch 2x gedekt en 2x aangevallen, dus die kun je dan toch niet zomaar slaan? In principe niet, maar wie iets verder kijkt ziet na 11.Pe2xd4, Pxd4; 12. Pxd4,Dxd4; 13.Dc6+ en de toren op a8 wordt opgeraapt. Dit is dus niet gespeeld. Diagram 2 is de stelling na 15 zetten.
Na de 16e zet Pf3 is de partij weer in evenwicht. Er worden van beide kanten dubieuze keuzes gemaakt. De voorsprong die Dekker in het begin had verdampt, en Zee betaald Dekker met gelijke munt terug door ook zijn voorsprong uit handen te geven. Maar de winnaar van de avond ‘Hoe zorg ik ervoor dat mijn tegenstander de winst niet kan ontgaan?’ gaat toch uiteindelijke naar Stephen Dekker. Zet 20.Pd5,Tb7 (om de toren niet kwijt te raken (zie diagram 3.) Met een prachtzet wordt de partij besloten. 21.Pf6+. Maar die geef je dan toch gewoon weg? Klopt. Kijk eens naar het zwarte paard op c6. Die staat 2x aangevallen, en het slachtoffer daarna wordt de zwarte dame. Dekker had het als zodanig herkend, en hij gaf er de brui aan.
IK VRAAG UW AANDACHT VOOR HET ONDERSTAANDE BERICHT:
